Pater Noster, qui es in caelis

Onze Vader, die in de hemel zijt

Geschiedenis

Aan de bouw van de huidige parochiekerk is een parochiegeschiedenis van driehonderd jaar vooraf gegaan. Voor onze Augustinuskerk was vele jaren een andere kerk het middelpunt van onze gemeenschap. Dat was de voormalige kapel op de begraafplaats "Buitenveldert", die als zodanig tot 1993 dienst deed. Bij de ingebruikname van de huidige kerk (1935) bestond de parochie precies 300 jaar.

In 1635 nam het parochieleven van Buitenveldert een aanvang, maar pas in 1656 werd de statie Buitenveldert aan de Paters Augustijnen overgedragen. Het is niet duidelijk of de Paters Augustijnen door de kerkelijke overheid gemachtigd waren de statie Buitenveldert over te nemen. Op grond van hun onrechtmatige vestiging werd hun later het bezit van de statie betwist en in 1672 ontnomen. Uit een missieverslag van 1656 blijkt dat de katholieken, die woonachtig waren aan de Buitenveldert en aan de Overtoom, aanvankelijk door Paters Capucijnen, maar op dat moment door een Augustijner monnik werden verzorgd. De patroonheilige van onze parochie, Sint Augustinus, hebben wij ongetwijfeld te danken aan deze aanwezigheid van de Paters Augustijnen.

Adrianus Achtienhoven was de eerste seculiere geestelijke, die in 1672 met de zielzorg van Buitenveldert werd belast. Aangezien de oude kerk in zeer slechte staat verkeerde, ging hij voor de bouw van een nieuwe kerk al gauw over tot de aankoop van een "huis en erve" en betaalde dit grotendeels uit eigen middelen. In 1698 werd "huis en erve" door zijn broer Theodorus Achtienboven overgedragen aan de R.K. gemeente Buitenveldert, uiteraard met de daarop rustende hypotheek.

Door de bouw van de Vondelkerk (1885) verloor de parochie Buitenveldert 400 parochianen. Met de komst van een nieuwe kerk aan de Jacob van Lennepkade gingen er weer 1000 verloren; een grote teleurstelling voor de toenmalige pastoor, want hij hield slechts 430 parochianen over. In het zuiden van de parochie werd in 1924 de St. Annaparochie gesticht en kort daarna werd in het noorden van de parochie de St. Agneskerk gebouwd. Uiteraard verloor onze parochie weer een aantal parochianen, terwijl de nieuwe parochies het niet zonder financiïle steun van de rnoederparochie konden stellen.

Een van de eerste daden van deken Boekhorst na zijn benoeming in 1929 was zijn voorstel om met de gemeente Amsterdam onderhandelingen aan te knopen teneinde voor een nieuw te bouwen kerk een geschikte plaats te verkrijgen, door middel van grondruil. Het gehele jaar 1931 werd beheerst door de vraag of een dergelijke transactie zou kunnen plaatsvinden. Aan het einde van het jaar kwam het aanbod van de gemeente. Van de kerkelanden in de omgeving van het kerkhof bleef er na een geplande uitbreiding van het kerkhof nog 14.000 m2 over, die als ruilobject zouden kunnen dienen voor de grond aan de Kalfjeslaan, eveneens 14.000 m2 groot. In augustus 1932 werd men het eens over de voorwaarden en na verkregen toestemming van de bisschop van Haarlern werden koop en ruil gerealiseerd.

Het verloop van de bouw van de kerk is te volgen door middel van de officiïle verslagen uit die tijd. Zo werd op 7 mei 1934 de eerste spade in de grond gestoken en reeds op het feest van St. Augustinus (28 augustus) was het werk zover gevorderd dat de gedenksteen kon worden aangebracht. Terwijl in januari 1935 nog slechts een stalen geraamte de vormen aangaf, welke het kerkgebouw zou aannemen, waren kerk en pastorie reeds in mei 1935 gereed. Op 8 mei 1935 verrichtte Z.D.H. de Bisschop, Mgr J.D. Aengenent, de plechtige consecratie. Des avonds half acht werd het H. Sacrament van de oude kerk naar de nieuwe kerk overgebracht om er tot in lengte van tijden het middelpunt te vormen voor allen, die er uit zullen komen putten.