image/svg+xml

Fiat voluntas tua, sicut in cælo et in terra

Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel

DE KEERZIJDE VAN HET KERSTVERHAAL

Stephanus

In de kerstnacht vierden we het intiem menselijk geluk van de geboorte van een mensenkind. We gingen met de herders op weg naar de stal. Miljoenen malen heeft over heel de wereld het ‘Stille nacht, heilige nacht’ geklonken. Het sprookje heeft zich voor de zoveelste maal voltrokken. Van­daag tellen we massaal de uitvallers. Mensen voor wie het wonder van de geboorte niet langer heeft geduurd dan het kerstdiner dat op de nachtmis volgde. Ik ben benieuwd hoeveel mensen het Paasfeest zullen halen!

In onze oren klinkt nog het lied van de engelen, zoals een melodie die je blijft meeneuriën en maar niet kwijtraakt. Maar nauwelijks geboren lijdt het Kerstkind al aan het mensenbestaan. Zijn lotgevallen roepen een hele serie overbekende verhalen op uit de geschiedenis van het Joodse Volk: mensen die worden opgejaagd, ze trekken van land tot land, maar vinden geen been om op te staan. Zo zal ook de Mensenzoon uitgroeien tot Iemand die zelfs geen steen zal hebben om zijn hoofd op neer te leggen. De geboorte van Jezus verdraagt geen engelenhaar.

Op Tweede Kerstdag vieren we het feest van de H. Stefanus, de eerste bloedgetuige. Daags na het kerstfeest vernemen wij hoe mensen stenen bij elkaar zoeken om iemand te stenigen vanwege zijn geloofsovertuiging. En over enkele dagen vieren wij het feest van onnozele Kinderen. Dan herdenken we ook de slachtoffers van de kindermoord in Bethlehem. Ook hun foto's horen in het kerstalbum thuis! De verhalen ná Kerstmis komen als een correctie. Om onze wereldvreemde dromen door te prikken en ons eraan te herinneren dat wij te midden van de puinhopen van de wereld niet kunnen blijven zingen van mooi weer. We moeten ons blijvend laten verontrusten door de schreeuw die klinkt over de velden van Effrata. Het gaat om mensen die hongeren en dorsten naar gerechtigheid. Kerstmis vieren is het werken aan een wereld, waarin geen lichamen meer worden gebroken en geen onschuldig bloed meer wordt vergoten.

Kerstmis heeft ook een keerzijde. Het is ook het verhaal van een doodsbange vader en een doodsbange moeder die op weg zijn naar Egypte om te ontkomen aan de moordende hand van koning Herodes. Omwille van het kerstkind sterven in en rond Bethlehem honderden kleine jongetjes. En nog steeds is het wrede verhaal van Herodes niet ten einde, want overal kraait zijn haan nog koning. Overal ter wereld zijn er miljoenen mensen met hun kinderen op de vlucht voor dreigend geweld. Daarmee is 't verhaal van koning Herodes het wrede verhaal van alle tijden.

Bij Matteüs is het kerstverhaal al een lijdensverhaal in een notendop, want licht en duisternis kunnen niet samen bestaan. Met Kerstmis mochten we worden gevoed met de nooitaflatende hoop dat het licht het zal winnen van alle duisternis in de wereld, dat God machtiger is dan al het kwaad. Er komt 'n tijd dat elke knie zich buigen zal en elke tong zal belijden: ‘Jezus is de Heer’. Toch hoeft deze ontluistering van het Kerstfeest voor ons geen ramp te zijn. ‘Hou met schreien’, zegt God, ‘wanhoop niet aan de wereld, want: ‘een Kind is ons geschonken, een Zoon is ons gegeven. Hij zal ons terugbrengen naar de waterbronnen van het leven’.

Een dag na Kerstmis vieren we de gedachtenis aan de Heilige Stefanus, een van de zeven mannen die door de apostelen werden aangesteld voor de Caritas. De eerste lezing laat zien dat het een mens was vol geloof en vervuld van Gods Geest. Hij wordt de eerste geloofsgetuige en wordt door steniging om het leven gebracht. Jezus zegt: ‘Als het erop aankomt om te spreken, als het gaat om het afleggen van getuigenis, maak je dan niet druk. Niet wij zullen dan spreken, maar de Geest van de Vader is dan aan het woord’. En in het voetspoor van Stefanus zijn er veel gelovigen die om het leven zijn gebracht, omdat zij woorden van Licht hadden in een wereld vol duisternis. Maar de duisternis heeft hen niet begrepen en hen om het leven gebracht. En dat gebeurt tot de dag van vandaag! En Jezus waarschuwde daar al voor: ‘In mijn Naam zul je overgeleverd worden. Je zult een voorwerp van haat zijn omwille van mijn Naam’.

Getuigen van het Licht kan een hachelijke onderneming zijn, zelfs in je eigen vrienden- en kennissenkring. Laten wij, levend in een wereld waar het horen en zien je soms vergaat, God blijven bidden om oren en lippen en een hart vol Liefde, Licht en Vrede. Het Kerstkind wil ons leiden naar een land waar geen gesloten toegangshekken zijn en waar mensen leven van en voor elkaar. Voorwaarde is wél dat we dan met het Kerstkind meetrek­ken en van Hem blijven getuigen - dwars door Goede Vrijdag heen - richting Pasen, richting eeuwig leven.

© Ambro Bakker s.m.a.
Pastoor-deken RK Amstelland
Locatie Augustinus